Ik ben weg van alles, ben alleen, heb een kamer voor
mezelf en voel me vrij. Ik slenter doelloos door een onbekende stad en laat me
meevoeren naar waar mijn voeten me brengen. Dat zijn de stadswallen, het ver
uitgestrekte park, het imposante gebouw van een museum, de steegjes, de
straatjes, de terrasjes. Ik neem plaats en bestel een kop koffie. De zon
streelt mijn gezicht, even sluit ik mijn ogen en voel de warmte van een
voorzichtige lente.
Ik ben mezelf, sta open voor de wereld, ik hoor de taal der
mensen. De serveerster zet de koffie met een glimlach voor me neer. Vogeltjes
kwetteren in hun kooitjes aan de stadswal. Vrolijk en licht zingen ze het
voorjaar tegemoet. Een kerkklok luidt in de verte, maar dwingt me tot niets.
Het geluid ademt het wezen van de stad. Mijn koffie drink ik langzaam, ik heb de
tijd aan mezelf. Geen afspraken, geen verplichtingen, geen bereikbaarheid, geen
nieuws, geen waan van de dag.
Na mijn koffie wandel ik rustig verder door de
kleine straatjes vol met bijzondere winkeltjes met elk hun eigen specialiteit.
Boeken, verse vis, Turkse lekkernijen, mooie cadeautjes. Ik hoef niets te hebben, de etalages zien is al voldoende. De
gezellige drukte van darrende mensen en het rustige geroezemoes dat in de lucht
hangt, stemmen me mild. Net buiten het centrum voelt de stad ongedwongen en eigen.
Al ben ik niet van hier, ik voel me thuis. Thuis is waar je hart is.
In het
park is het eerste groen aan de bomen al zichtbaar. Geitjes staan volop te
grazen. Moeders lopen met hun kleine kindjes door het goed bezochte park.
Honden snuffelen aan elkaar tot vermaak van hun baasjes die enthousiast
praatjes aanknopen. Het leven neemt zijn loop. Mijn horloge ligt thuis. De tijd
is nu. ‘Wat ben je aan het schrijven?’ vraagt een jongen die voorbijkomt me. Ik
moet stoppen, de wereld roept me.
zondag 12 april 2015
maandag 6 april 2015
Misverstand in Moskou
Onlangs werden we verrast met een herontdekte novelle uit de nalatenschap van
Simone de Beauvoir, ‘Misverstand in Moskou’. Het is een veelzijdig verhaal over
een man en vrouw, André en Nicole, van in de zestig die in de zestiger jaren
van de vorige eeuw Moskou bezoeken. Hun gids is Masja, de dochter van André.
De Beauvoir neemt je als lezer beurtelings mee in de gedachten van Nicole en René. Zo zie je twee waarachtig gekleurde beelden van de werkelijkheid en is het volkomen logisch dat tussen hen een misverstand ontstaat dat ze uit elkaar drijft. Naast de moeizame verhouding tussen de twee speelt op de achtergrond ook het Rusland van toen een rol. Vooral René heeft er grote moeite mee dat in zijn ogen mooie socialistische waarden vervlogen lijken te zijn en dat zijn dochter hem maar weinig over de status van haar land kan vertellen. Hij is wat dit betreft erg gedesillusioneerd.
Beide partners worstelen ook met de tijd, die op hun leeftijd anders aan lijkt te voelen. Hij lijkt sneller te gaan en moet zinvol besteed worden, gezien de eindigheid van hun leven. Bij Nicole uit zich dat door zich actief te willen voelen in de levendigheid van hun thuisbasis Parijs. René heeft een wat defaitistischer inslag en vraagt zich soms af wat hij nog toe kan voegen aan zijn oud voelende leven. Hij vindt het niet erg om niet aantrekkelijk te zijn, maar ‘hij wilde wel dat als mensen als ze hem zagen zich tenminste konden voorstellen dat hij aantrekkelijk geweest was.’ Het is bijna een bevrijding dat deze gedachte van een man afkomstig is, tegen alle clichés in. Dat is typisch iets voor De Beauvoir.
Hoewel op andere punten de rolverdeling tussen beide partners weer wat klassieker is. Zij houdt zich vooral bezig met onderlinge verhoudingen en hij met politiek en de maatschappij. Psychologie versus sociologie en geschiedenis. Zou dit de weerslag zijn van de verhouding van de schrijfster met Sartre? Nicole krijgt moeite met de relatie van René met zijn dochter en het gegeven dat hij geen enkele moeite doet om met haarzelf, zijn partner, alleen te zijn. Tegelijkertijd heeft hij het idee dat hij nog nooit zoveel met haar samen is geweest. Zij zegt zich te vervelen en realiseert zich dat een overvloed aan tijd je verarmt. Terwijl ze juist had gehoopt dat ‘de tijd, statisch geworden door de lange duur van hun geluk, haar een stroom nieuwe ervaringen op zou leveren.’
Op een bepaald moment wordt hun misverstand opengebroken en zijn ze verbaasd over elkaars gezichtspunten. Het verhaal eindigt met ‘hun eindelijk hervatte dialoog die nooit meer zou eindigen.’ Een romantische oneindigheid in hun eindige leven.
De Beauvoir neemt je als lezer beurtelings mee in de gedachten van Nicole en René. Zo zie je twee waarachtig gekleurde beelden van de werkelijkheid en is het volkomen logisch dat tussen hen een misverstand ontstaat dat ze uit elkaar drijft. Naast de moeizame verhouding tussen de twee speelt op de achtergrond ook het Rusland van toen een rol. Vooral René heeft er grote moeite mee dat in zijn ogen mooie socialistische waarden vervlogen lijken te zijn en dat zijn dochter hem maar weinig over de status van haar land kan vertellen. Hij is wat dit betreft erg gedesillusioneerd.
Beide partners worstelen ook met de tijd, die op hun leeftijd anders aan lijkt te voelen. Hij lijkt sneller te gaan en moet zinvol besteed worden, gezien de eindigheid van hun leven. Bij Nicole uit zich dat door zich actief te willen voelen in de levendigheid van hun thuisbasis Parijs. René heeft een wat defaitistischer inslag en vraagt zich soms af wat hij nog toe kan voegen aan zijn oud voelende leven. Hij vindt het niet erg om niet aantrekkelijk te zijn, maar ‘hij wilde wel dat als mensen als ze hem zagen zich tenminste konden voorstellen dat hij aantrekkelijk geweest was.’ Het is bijna een bevrijding dat deze gedachte van een man afkomstig is, tegen alle clichés in. Dat is typisch iets voor De Beauvoir.
Hoewel op andere punten de rolverdeling tussen beide partners weer wat klassieker is. Zij houdt zich vooral bezig met onderlinge verhoudingen en hij met politiek en de maatschappij. Psychologie versus sociologie en geschiedenis. Zou dit de weerslag zijn van de verhouding van de schrijfster met Sartre? Nicole krijgt moeite met de relatie van René met zijn dochter en het gegeven dat hij geen enkele moeite doet om met haarzelf, zijn partner, alleen te zijn. Tegelijkertijd heeft hij het idee dat hij nog nooit zoveel met haar samen is geweest. Zij zegt zich te vervelen en realiseert zich dat een overvloed aan tijd je verarmt. Terwijl ze juist had gehoopt dat ‘de tijd, statisch geworden door de lange duur van hun geluk, haar een stroom nieuwe ervaringen op zou leveren.’
Op een bepaald moment wordt hun misverstand opengebroken en zijn ze verbaasd over elkaars gezichtspunten. Het verhaal eindigt met ‘hun eindelijk hervatte dialoog die nooit meer zou eindigen.’ Een romantische oneindigheid in hun eindige leven.
zaterdag 21 februari 2015
Het feest der onbeduidendheid
De mannen banen zich een weg door het bestaan en vragen zich meer dan eens af waarom ze doen wat ze doen. De oud-collega verbaast zich om zijn eigen leugen dat hij kanker zou hebben. De verteller zegt daarover: ‘Zelfs nu het een simpele herinnering was geworden, bleef de kanker hem gezelschap houden als het licht van een klein gloeilampje dat hem op raadselachtige wijze in verrukking bracht.’ Zo lijkt ongeluk diepte te kunnen verlenen aan het leven.
Ze beschouwen het onderlinge contact tussen mensen en erkennen de waarde van zowel praten als stilte, met name bij het maken van een goede indruk op een vrouw. ‘Als iemand die schittert een vrouw probeert te versieren, heeft zij het gevoel dat ze een wedstrijd moet aangaan. Ze voelt zich verplicht om ook te sçhitteren,’ laat Kundera Ramon zeggen.
De verteller introduceert Stalin met een grappige anekdote die hij ooit verteld zou hebben aan zijn kameraden. Gebeurtenissen uit het verleden integreren in het leven van nu. De geschiedenis bepaalt mede het heden en kan niet afgedaan worden met een grap. Maar in het dagelijkse leven is humor wel onontbeerlijk. Zo kocht Alain een mooie fles drank die hij ter ere van ‘de zeer grote dichter die omwille van zijn nederige verering van de poëzie had gezworen nooit één vers te schrijven.’
Ramon denkt dat het enig mogelijke verzet tegen de wereld is deze niet serieus te nemen. ‘Maar ik constateer dat onze grappen hun macht hebben verloren.’ Volgens Hegel, die Ramon van zijn bedenker heeft moeten lezen, is echte humor ondenkbaar zonder een eindeloos goed humeur. Van daaruit kun je lachen om de domheid van mensen.
Is het goede humeur iets nastrevenswaardigs? Of vormt het aanspreken van een goede fles drank een goed doel in dit leven? Of het ontwijken van de banale rij voor het Louvre als opium voor het volk? Moet je je vasthouden aan de rol die je in het begin van je leven hebt meegekregen? Contacten zijn vaak opportunistisch en individualiteit een illusie. Maar we spelen allemaal onze rol in het schouwspel van het leven. Zeer waarschijnlijk een onbeduidende. Wat een feest!
maandag 2 februari 2015
Mijn tijd ver vooruit
Met mijn to do list van dinsdag ben ik de maandag ervoor al zo goed als klaar.
Als ik dan dinsdag aan het werk ga wil ik nog het liefst alles wat dan weer op
mijn bordje ligt al af hebben voor ik er aan begin. Het zijn wegwerkklussen,
afvinktaken, werk dat af moet zijn zodra het binnen komt. De tijd jaagt door
mijn hoofd. Ik jakker door mijn werkzaamheden. Opzij opzij opzij. Ik heb een ongelofelijke
haast. Geen tijd voor praatjes, geen tijd voor koffie, ik moet door, het einde
is nog niet in zicht. En zo gaat het de hele week door.
Eenmaal thuis hetzelfde verhaal. Alvast mijn biebboeken terugbrengen, alvast een film in huis halen, nu schoonmaken voor het bezoek van morgen, boodschappen vandaag nog in huis halen, morgen regent het misschien wel, me nu inlezen voor de cursus time-management, straks kom ik er misschien niet meer toe. Omfietsen voor de Hema-wijn, nu in de opruiming kleding scoren, terwijl ik altijd weer thuiskom met de nieuwe collectie voor de volle mep.
Na mijn bezoek kan ik nog net een filmpje afvinken en op gezette tijden ga ik verplicht ontspannen tijdens de yoga-les of het lezen van een boek. Lees nu een doorploeterboek, maar laat me niet van de wijs brengen en ga ermee door tot het bittere einde. Voor het einde duikt er natuurlijk alweer een nieuw boek op dat gelezen moet worden, want nieuw en juichende recensies en beschikbaar. Ik loop hard tot hijgen aan toe, dat is immers goed voor lichaam en geest.
Mijn hoofd doet zeer, mijn hart dat jaagt, ik raak buiten adem, uitgeteld, op. Mijn dokter heeft maar tien minuten tijd en zegt dat ik mijn gemak moet houden. Maar hoeveel orde ik ook aanbreng in mijn bezige bestaan, alles gaat maar door en dient zich aan. Waar stopt het in dit moderne mensen bestaan?
vrijdag 9 januari 2015
Ben ik Charlie?
Meningen buitelen over elkaar heen
schreeuwend, hard, zacht
protesteren, ageren
actie, reactie
ben ik dan de enige
die van schrik is stilgevallen
en betwijfelt of ze de moed
van Charlie wel had gehad?
zaterdag 3 januari 2015
Een nieuw begin
Een nieuw jaar vraagt om een nieuw begin. Ik wil graag meer tijd nemen om aan
mijn verhalen te schrijven en de bladen bij te houden. Ik las onlangs de
ontstress-tip: ‘Stop met het bijhouden van een weblog en stop ook gelijk met
het lezen van andermans blogs.’ Dit wakkerde mijn twijfel of ik mijn weblog nog
door zou zetten verder aan. Het is niet dat ik er stress van ervaar, maar het
legt wel beslag op mijn tijd en neemt een leesgedrag met zich mee dat soms wat
dwingend is.
Het schrijven van de stukjes voor mijn weblog is een soort routine geworden. Van tevoren denk ik steeds: kan ik hier wel iets zinnigs over zeggen? En achteraf ben ik meestal tevreden genoeg om het gedane in mijn agenda te noteren met een uitroepteken erachter. Het resultaat verbaast me niet langer, het is een verplichting die ik afvink, wat funest kan zijn voor een weblog, hoorde ik pas geleden van een tekstschrijver die diverse weblogs verzorgt. De urgentie is eraf, hoewel ik wel steeds meer lezers kreeg.
Als ik in een dik boek bezig was, dan voelde ik me min of meer verplicht om ondertussen dunnere boeken te lezen om over te kunnen schrijven op mijn weblog. Van dit dwangmatige lezen wil ik mezelf verlossen. Ik wil mezelf de tijd gunnen om dikke, dunne, oude en nieuwe boeken in alle rust te lezen, zonder telkens te hoeven bedenken wat ik erover zal zeggen.
Zes jaar lang heb ik een weblog over mooie boeken bijgehouden. De laatste jaren hier en daarvoor op een andere site. Het is mooi geweest. Ik zal zeker nog wel wat over boeken te melden hebben op Twitter, maar niet meer hele verhalen.
Lezers bedankt & wie weet tot ergens anders!
Het schrijven van de stukjes voor mijn weblog is een soort routine geworden. Van tevoren denk ik steeds: kan ik hier wel iets zinnigs over zeggen? En achteraf ben ik meestal tevreden genoeg om het gedane in mijn agenda te noteren met een uitroepteken erachter. Het resultaat verbaast me niet langer, het is een verplichting die ik afvink, wat funest kan zijn voor een weblog, hoorde ik pas geleden van een tekstschrijver die diverse weblogs verzorgt. De urgentie is eraf, hoewel ik wel steeds meer lezers kreeg.
Als ik in een dik boek bezig was, dan voelde ik me min of meer verplicht om ondertussen dunnere boeken te lezen om over te kunnen schrijven op mijn weblog. Van dit dwangmatige lezen wil ik mezelf verlossen. Ik wil mezelf de tijd gunnen om dikke, dunne, oude en nieuwe boeken in alle rust te lezen, zonder telkens te hoeven bedenken wat ik erover zal zeggen.
Zes jaar lang heb ik een weblog over mooie boeken bijgehouden. De laatste jaren hier en daarvoor op een andere site. Het is mooi geweest. Ik zal zeker nog wel wat over boeken te melden hebben op Twitter, maar niet meer hele verhalen.
Lezers bedankt & wie weet tot ergens anders!
zaterdag 27 december 2014
Een zondagsman
Een zondagsman zou, net als een zondagskind, veel geluk moeten hebben.
Aanvankelijk heeft hoofdpersoon Oscar van Bohemen dat dan ook in het debuut van
Daan Heerma van Voss. Hij is psychiater met een goedlopende eigen praktijk en
is een soort van gelukkig met zijn vrouw Ellen en stiefdochter Sophie. Als
biologisch georiënteerde arts gaat hij voor de ‘feiten’ en de pillen. Empathie
is hem vreemd. Hij heeft dat ook niet nodig, vindt hij. Ellen noemt hem een
spullenmens. Ook mensen beschouwt hij als objecten. Zelf is zij een mensenmens.
Alles gaat zijn gangetje totdat Ellen van de trap valt, een wervel breekt en in
coma raakt. Dan staat Oscars wereld op zijn kop.
Daan Heerma van Voss was amper halverwege de 20 toen dit debuut verscheen. Hij verplaatst zich bewonderenswaardig goed in de gedachten en manier van doen van de hoofdpersoon die zo rond de 50 zal zijn. Hij beschrijft hoe de geruststellende sleur van de dagelijkse gang van zaken qua werk en relatie van Oscar doorbroken worden door de val van diens vrouw. ‘De val heeft de dingen onuitputtelijk vermoeiend gemaakt’ vormt dan ook de eerste zin van het verhaal. Oscar realiseert zich dat hij zijn vrouw en haar achtergrond maar slecht kent en gaat op zoek naar haar familie. Familie Zondag, dus is hij dan op een andere manier toch nog een zondagsman. Zijn stiefdochter woont nog bij hem in huis, maar hij vraagt zich af wat hun band nog is nu de verbindende factor ontbreekt.
Het is de triestheid van een man die uit zijn gangbare rol is geraakt en geen houvast meer heeft in zijn leven, die maakt dat je als lezer met Oscar meeleeft. Behalve treurnis weet de schrijver ook de nodige humor in het verhaal te brengen dat het enigszins relativeert en behapbaar maakt. Als Ellen uit haar coma ontwaakt en in apathische staat weer thuiskomt, doet Oscar eerst tegen beter weten in zijn best om het haar naar de zin te maken. De gevierde arts heeft echter niets meer over in zijn leven, hij blijft berooid achter. Zonder het kader van een identiteit weet hij er niets van te maken. Dan probeert hij op dramatische wijze een einde aan de situatie te maken. Een zwaar verhaal met toch een lichte verteltrant en een mooi debuut!
Daan Heerma van Voss was amper halverwege de 20 toen dit debuut verscheen. Hij verplaatst zich bewonderenswaardig goed in de gedachten en manier van doen van de hoofdpersoon die zo rond de 50 zal zijn. Hij beschrijft hoe de geruststellende sleur van de dagelijkse gang van zaken qua werk en relatie van Oscar doorbroken worden door de val van diens vrouw. ‘De val heeft de dingen onuitputtelijk vermoeiend gemaakt’ vormt dan ook de eerste zin van het verhaal. Oscar realiseert zich dat hij zijn vrouw en haar achtergrond maar slecht kent en gaat op zoek naar haar familie. Familie Zondag, dus is hij dan op een andere manier toch nog een zondagsman. Zijn stiefdochter woont nog bij hem in huis, maar hij vraagt zich af wat hun band nog is nu de verbindende factor ontbreekt.
Het is de triestheid van een man die uit zijn gangbare rol is geraakt en geen houvast meer heeft in zijn leven, die maakt dat je als lezer met Oscar meeleeft. Behalve treurnis weet de schrijver ook de nodige humor in het verhaal te brengen dat het enigszins relativeert en behapbaar maakt. Als Ellen uit haar coma ontwaakt en in apathische staat weer thuiskomt, doet Oscar eerst tegen beter weten in zijn best om het haar naar de zin te maken. De gevierde arts heeft echter niets meer over in zijn leven, hij blijft berooid achter. Zonder het kader van een identiteit weet hij er niets van te maken. Dan probeert hij op dramatische wijze een einde aan de situatie te maken. Een zwaar verhaal met toch een lichte verteltrant en een mooi debuut!
Abonneren op:
Posts (Atom)