zondag 24 maart 2013

Het krokusje dat Renate heet

De laatste tijd ben ik qua schrijven vooral bezig geweest met het herschrijven van mijn verhaal in reactie op de feedback die ik van mijn schrijfclubje en docent heb gehad. Waardevolle opmerkingen, waarmee ik goed vooruit kan. Maar na het terugkijken en herkauwen van hetgeen ik al had, wil ik vanaf nu weer vooruitkijken en meters maken. Daarvoor moet ik mijn focus resetten en weer gewoon doorschrijven vanaf het punt waar ik gebleven was.

Er zit een punt in het verhaal aan te komen waarop de clash of the main characters niet uit kan blijven. Het is de vraag of ik dat in woorden weet te vatten. Of ik niet, zoals Renate Dorrestein beschrijft in ‘De blokkade’, vastloop op een bepaald punt en om de hete brei heen draai. Want die aanstaande botsing daar draait het hele verhaal om, maar er zitten ook veel persoonlijke elementen in. Dit maakt mij als schrijver kwetsbaar. Toch wil  het verhaal verteld worden en kan het niet bij één grote omtrekkende beweging blijven.

Renate Dorrestein kwam erachter dat de onmacht tegenover de zelfmoord van haar zusje haar weerhield van het schrijven van het enige zinvolle en gerechtvaardigde boek dat ze maar kon schrijven, namelijk het boek dat mensen van zelfmoord af zou houden. Een onmogelijke opgave in het licht waarvan al haar andere romans slechts omzwervingen leken te zijn. Het ultieme boek zal  ik nooit kunnen schrijven, concludeert ze.
Toch, op een moment dat ze al het denken en analyseren loslaat en oude gevoelens weer boven komen, voelt ze dat de muze naar haar terug zal keren. Ze ervaart weer het geloof in haar schrijfkunst. Ze weet dat ze weer een boek zal schrijven. Ze kan niet anders, net zoals een krokusje dat in de lente onvermijdelijk haar kopje boven de grond uitsteekt en weet dat ze hier moet zijn. Ook al is de lente nog niet erg inhalig en gaat er nog menig sneeuwbuitje overheen; de krokus zal bloeien!  

zondag 17 maart 2013

De omweg

In ‘De omweg’ van Gerbrand Bakker word je mee geleid met de gangen van een Nederlandse vrouw die is gevlucht naar Wales. Ze heeft haar  man achtergelaten, haar ouders, haar minnaar, haar huis, kortom: een heel leven. Wat drijft deze vrouw, wat verklaart  het mysterie dat rond haar hangt? Een mysterie dat de schrijver dankbaar voedt door haar ondoorgrondelijke wegen te beschrijven.

Ze vindt een tijdelijk onderkomen in een boerderij in een gehucht waar algauw over  haar gepraat wordt. Maar ze wil vrij zijn, onafhankelijk. Dan trekt een jonge wandelaar bij haar in. Hij is net zo ongrijpbaar als zijzelf. Samen houden ze het leven op de boerderij draaiend. Als ze zich aan hem gaat hechten, wil ze van hem af. Maar hij heeft ook een eigen wil en blijft.

Dan dreigt ze het huis te moeten verlaten en haar man haar te komen opzoeken. En de jongen blijkt de lokale gemeenschap veel beter te kennen dan hij deed voorkomen. Deze benarde situatie lost ze op haar eigen wijze op.

Een verhaal wat de spanning erin houdt. Soms meer vragen oproept dan beantwoordt. Maar volkomen in lijn met de gedachtegang van de hoofdpersoon. Een prachtig boek!

zondag 10 maart 2013

Schrijvers en eenlingen

Waarom hebben schrijvers het zo vaak over eenlingen? Ik denk dat het antwoord op deze vraag tweeledig is. Veel schrijvers zijn ten eerste zelf eenlingen en schrijven voor een groot deel uit eigen ervaring. Ten tweede is het makkelijk om een hoofdpersoon een kleine en overzichtelijke omgeving mee te geven. Eén grote vriend, één partner, één stel ouders, klaar! Voordeel van deze kleine omgeving is dat de enkele bijfiguren redelijk goed uitgediept kunnen worden. Nadeel is dat de hoofdpersoon weinig ingebed is in de brede samenleving.

In ‘Open stad’ van Teju Cole verkent de hoofdpersoon de stad New York door er met een open mind in rond te dwalen. Hij blijkt net een relatie verbroken te hebben, maar van zijn ex-vriendin komt je als lezer niets te weten. De meeste contacten die hij heeft zijn degene  die hij aangaat tijdens zijn  omzwervingen door de stad. Toch duikt halverwege het boek ineens out of the blue  een vriendenkring op. Gaandeweg het verhaal plaatst hij zichzelf tegen de achtergrond van zijn afkomst. Een eenling met roots. Een wereldburger. Zou de schrijver dat ook zijn?  

zondag 3 maart 2013

Back to normal

Na twee weekenden ziek te bed heb ik nu weer een helder hoofd en zin om te schrijven. Mijn verhaal kruipt langzaam maar gestaag voort. De ontwikkelingen zetten zich door en een van de twee hoofdpersonen raakt langzaam maar zeker de grip op de realiteit kwijt. Voor de ander is dit moeilijk te bevatten. Het is alsof hij in een eigen wereld verkeert met een eigen ondoorgrondelijke logica. Wat moet zij ermee? Hij is niet meer zichzelf, niet meer degene op wie ze zo verliefd was, hij lijkt een ander. Deze lastige situatie biedt volop mogelijkheden voor het zich ontrollende verhaal. Mijn gesteldheid is nu weer back to normal maar mijn verhaal is going crazy! Wordt vervolgd…

dinsdag 19 februari 2013

Staat van zijn

Een hoofd vol met watten, een verstopte neus en een pijnlijke keel vormen geen ideale  staat van zijn om  te schrijven. Dus wordt vervolgd, op enig moment!

zondag 10 februari 2013

Ontwikkelingen

Ik ben bij het schrijven van mijn grote verhaal op een punt beland waarop dingen zich beginnen te ontwikkelen. Dat stuwt de vaart van het verhaal, maakt het ook leuker om het te schrijven. Ik ga nu naar de kern en kan op de weg er naar toe alvast kleine speldenprikjes geven die lichtjes vooruitwijzen naar datgene wat komen gaat. Als je het thema van je verhaal hebt bedacht, komt het schrijven daarnaar toe feitelijk neer op een grote omtrekkende beweging.

Net zoals ‘Tonio’ van A.F.Th. van der Heijden eigenlijk één grote omtrekkende beweging is. Het gaat om het dodelijke ongeluk dat zijn zoon kreeg en dat is de lezer  van het begin af aan duidelijk. De kunst van de schrijver was nu om daar een verhaal omheen te bouwen. Dat heeft hij zo goed gedaan, dat hij, ook al weet de lezer waar het heen gaat, toch een zekere spanning opbouwt. Je wilt weten hoe het verder gaat, wat hij en zijn vrouw nog meer ontdekken, waar het eindigt. En dat is wel het mooiste wat Van der Heijden in zijn requiem heeft gedaan; afsluiten met een eerbiedig bezoek aan de kamer van Tonio door het meisje dat waarschijnlijk op het punt stond zijn vriendin te worden.

Zo blijkt maar weer dat een ingewikkelde plot geen must is voor een goed verteld verhaal. Het gaat om de manier van vertellen. Ik wil niet zeggen dat ik mijn manier al helemaal in de vingers heb, maar ik ben wel hard op weg om mijn omtrekkende beweging de goede kant op te sturen!  

zondag 3 februari 2013

Inspiratie

Een Congolese Tsjech schreef een boek dat zich afspeelt in het Praag van de twintigste eeuw. Het is een liefdesverhaal tegen de achtergrond van de Tsjechische geschiedenis. Een man en een vrouw zijn elkaar zeer toegewijd totdat de oorlog hen uit elkaar drijft. Daarna houden ze zolang afstand totdat het te laat is. Het verhaal is mooi, het gegeven is mooi, de schrijver is vast hyperintelligent, maar het is teveel van het goede. Het verhaal barst uit zijn voegen, er is teveel informatie, het is te druk in dit boek. Het lijkt willekeurig ergens te beginnen en het einde heeft geen logische plek. Te lang lijken het losse verhalen, voordat er onderlinge verbanden verschijnen. De dialogen zijn meeslepend en met vlagen las ik met gretigheid en met vlagen irriteerde me de schijnbare zijpaden.

Dit boek plaatst me voor een dilemma. Het is niet onverdeeld goed, maar zeker ook niet slecht. Af en toe is het met vaart geschreven en dan weer raak je als lezer de chronologie kwijt. Er zit heel veel verbeeldingskracht in en inleving in bepaalde situaties. Toch gaf het me uiteindelijk niet een goed gevoel. Terwijl toch zowel de dingen van alledag als de achtergrond van een land aan bod kwamen.
Hieruit blijkt denk ik dat je als schrijver niet moet vergeten je lezer mee te nemen voordat je de diepte ingaat. Eerst moet er de noodzaak zijn iets te vertellen, dan pas wordt het interessant. En de volgorde hoeft niet per se chronologisch te zijn, als deze maar logisch is en de spanning onderstreept. Geen gemakkelijke opgave, maar wel iets om rekening mee te houden als je wilt dat je verhaal gelezen wordt. Het boek heet trouwens ‘Een liefdesbrief in spijkerschrift’ en is geschreven door Tomás Zmeskal.