zaterdag 1 september 2012

Orang-oetans drijven niet

Een jonge jongen die na zijn middelbare school nog bij zijn ouders woont en niet goed weet wat hij met zijn leven aan moet, doet in dit boek zijn vaak cynische, maar ook komische verhaal. Hij heeft een beer van een verstandelijk beperkte broer van dik twee meter lang, die hij vergelijkt met een orang-oetan.  Zelfs in het diepe stuk van het zwembad kan hij terwijl hij op de bodem staat zijn hoofd boven water  houden. Drijven doet hij dus niet.

Stephan ter Borg maakt met dit verhaal zijn debuut, waarin hij laat zien de leefwereld van iemand zoals de jonge hoofdpersoon goed kan neerzetten. De turbulente verteltrant maakt het wel een verhaal wat continu op een hoogtepunt lijkt te verkeren, wat soms een beetje vermoeiend is. Het is een kunst om telkens zo scherp uit de hoek te komen, maar een enkele adempauze zo nu en dan zou wat meer ruimte bieden om alles te laten bezinken.

Als lezer krijg je een kijkje in het gezinsleven van de jongens met hun op zijn minst bijzondere ouders. Hun moeder heeft in haar man altijd een sterke man gezien waar ze op kon bouwen, maar hij blijkt nogal wat onhaalbare dromen na te jagen die uiteindelijk tot zijn  ondergang leiden. Zelf vat de moeder het plan op om te gaan studeren en wordt overvloedig ingewijd in het studentenleven door een jonge medestudent wat tot gĂȘnante situaties leidt.

Als vader en moeder beiden verslagen op de bank zitten, vat de hoofdpersoon het plan op om zijn broer die in een tehuis terecht is gekomen een beter leven te bieden. Hiermee komt hij eindelijk in actie, al is de vraag hoe ver hij komt met zijn lumineuze plan. Misschien lijkt hij wel meer op zijn vader dan hij zou willen toegeven…
 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten